Al eeuwenlang was er in Amsterdam prostitutie in de buurt van de haven. Pas vanaf de jaren twintig van de 20ste eeuw, ontstond er een rosse buurt in het oude centrum, langs de Oudezijds Achterburgwal en Oudezijds Voorburgwal en de zijstegen. Vandaar dat de buurt in Amsterdam bekend staat als de Wallen of de Walletjes.

In de jaren veertig en vijftig kwamen nette mensen niet op de Wallen. Raamprostitutie werd daar oogluikend toegestaan, hoewel het officieel verboden was. Luidruchtig werven en al te bloot achter het raam betekenden een proces-verbaal. Voor schut gaan heette dat, want de Wallen hadden ook hun eigen taal. Een hardhandige souteneur heette een bloedpooier. Op een halfje zitten betekende dat de helft van de verdiensten naar de kamerverhuurder ging. Zeelieden waren goede klanten, net als Amerikaanse militairen uit Duitsland. Vijf gulden (ruim 2 euro) was het basisbedrag, voor elk kledingstuk extra uit moest betaald worden. Pezen heette dat en wie het goed kon, verdiende geld als water.

Vanaf eind jaren zestig trad de politie minder hard op, de kleding van de vrouwen achter het raam werd steeds minimaler. Er verschenen felrode tl-lampen en ultraviolet black light. En tussen de raambordelen kwamen steeds meer seksshops en theaters waar striptease en life sex shows worden gegeven.

Terwijl de landelijke politiek jarenlang discussieerde over de opheffing van het bordeelverbod, experimenteerden Amsterdam en andere grote steden met het reguleren van de prostitutie. Vanaf de jaren tachtig en negentig was er steeds meer behoefte om regulerend op te treden, maar dat kan alleen als het een legale branche is. Het is, zelfs in het tolerante Nederland, niet mogelijk om wettelijke regels op te stellen voor iets dat officieel niet bestaat. Uiteindelijk werd in 2000 het bordeelverbod opgeheven.

Er zijn tegenwoordig in Amsterdam drie buurten waar raambordelen toegestaan zijn: de Wallen, rond het begin van de Spuistraat en aan de Ruysdaelkade. Medio 2007 waren er in Amsterdam volgens onderzoek van de dienst Onderzoek en Statistiek 497 ‘ramen’ (een raam is een werkruimte voor één prostitutie). Seksclubs en privéhuizen zijn op verschillende plekken in de stad te vinden. Volgens het nieuwe vergunningenstelsel mag de exploitant geen strafblad hebben en er zijn eisen betreffende vierkante meters en hygiëne. Bij overlast en aanwezigheid van prostituees zonder verblijfs- en werkvergunning volgen waarschuwingen en dan sluiting. Als iemand een kamer verhuurt aan een minderjarige wordt de zaak meteen dichtgetimmerd.

Legalisering van de prostitutie leidde niet tot het verdwijnen van misstanden. PvdA-raadsleden Karina Schaapman en Amma Asante bepleitten in 2005 in de nota ‘Het onzichtbare zichtbaar gemaakt. Prostitutie in Amsterdam’ drastische maatsregelen tegen vrouwenhandel en gedwongen prostitutie. Amsterdam pleitte naar aanleiding daarvan bij de minister van justitie o.a. om mogelijkheden harder op te treden tegen souteneurs, vrouwenhandelaren en loverboys.

In de nota ‘Oud beroep, nieuw beleid‘ werd verslag gedaan van verkenningen naar gedwongen prostitutie in Amsterdam. In december 2007 startte Amsterdam het project 1012.